LEON MOOREN

liedjes.

Vertaling van 'Pierot' - Renaud.

Je bent niet van de straat
Je komt niet uit de goot
Bent nooit angstig of kwaad
Ook niet dapper of groot
Ik was nooit echt alleen
Je bewoonde mijn hoofd
En daar was ik een Hastings
Jij Hercule Poirot

refrein
Beau, mijn vriend
Mijn maatje, mijn hoop
Mijn kompaan tot de dood
Beau

En sinds ik niet meer droom
Komt geen droom ooit nog uit
Want je hoort in mijn hoofd
Maar kroop onder mijn huid
Kom jij ooit bij mij terug
Zal ik drank laten staan
Met het zweet op mijn rug
Voor een week of maand

refrein

Is je moeder prinses
Ben jij ooit prins geweest
Je bent zoon van de wens
Je wordt nimmer een wees
En ik ken haar maar slecht
Maar ik zoek tevergeefs
Ik ken enkel de weg
Zo verlaten en leeg

refrein

En toch blijft er dat plekje
Voor jou in mijn hoofd
Om te te wonen, wat let je
Dan wordt het weer zo
Dan leer ik je fratsen
Gespeend van niveau
Ben ik weer jouw Watson
En jij Sherlock Holmes

refrein

Jij zal mij niet herkennen
Hoe het nu met me gaat
En wel nooit kunnen wennen
Aan mijn dronkenmanspraat
En dan schrijf ik de liedjes
Die jij zozeer haat
En ongelijk heb je niet
Maar alsnog word ik kwaad

refrein

Keer toch terug, kleine Beau
Jij wordt baas van de rest
Hier zijn mijn pijl en boog
Ik leer jou al mijn slechts
Keer toch terug, kleine Beau
Het wordt beter dan best
Wees nog een keer een droom
Keer toch terug naar wat rest

refrein
-----

Geschreven in 2021.

Ik ben ooit in een zomer vol dromen
Op vakantie gegaan naar Berlijn
Maar toch ben ik er nooit echt gekomen
Want ik ging er naar toe met de trein

Zes uur eerder was ik op een vrijdag
Pas ingestapt in Rotterdam
Waardoor het er niet anders uit zag
Toen ik liep op de Kurfurstendam

En de beelden van Unter den Linden
Die stonden mij al voor de geest
Want ik zag ze op foto's van vrienden
Die er voor mij al waren geweest

En het zat vol kunstzinnige mensen
Zoals Amsterdam ook soms kan zijn
Bedroefd kon ik enkel nog wensen
Te vluchten van hier naar Berlijn

Want ooit kosten het weken en maanden
Voor je kwam in een andere stad
Waardoor je je reiziger waanden
En een andere wereld betrad

Een wereld vol andere talen
Waar je sprak met gebaren en stem
Men vroeg er naar al je verhalen
Want jij was net zo zeldzaam voor hen

En de kinderen dekte de tafel
Want die vreemdeling, dat was hun gast
Maar in plaats daarvan koop ik falafel
Iets oosters wat niet meer verast

In de race naar steeds verder en beter
Ben je overal binnen een dag
Dus valt alles te zien en te eten
Voor een zeer acceptabel bedrag

De reizigers zijn overledenen
Nog nooit was de wereld zo klein
Avontuur wordt bij mond slechts beleden
Zo dichtbij hoort Berlijn niet ze zijn

Ik ben toen naar Parijs doorgereden,
En schreef daar vol weemoed dit lied
Want hunkeren naar het verleden
Doe je toch in Berlijn liever niet
-----

Uitvoering van Isha van der Burg:
https://youtu.be/8px2KxRwfi0


Aangekomen bij de laatste
Avond van de late zomer
Zit ik hier op mijn balkon met een gitaar
Ik vertel je zonder woorden
Maar met noten en akkoorden
Over liefde die weerklinkt in elke snaar

Uit de laatste zonnestralen
Van het jaar kwam jij me halen
Uit mijn o zo grijze dagelijkse sleur
Nu jij naast me bent gezeten
Lijk je alles te vergeten
En bezing ik ons verhaal in e-mineur

In de uren van de avond
Die maar duren valt het laatste zonlicht
Op de flatgebouwen van de stad
Misschien zie ik je wel nooit meer
En was dit de laatste keer
Maar weet dan dit mijn lief
Ik heb je liefgehad

Want zelfs jij kan niet verwachten
Dat de pijn niet te verzachten
Valt want gaandeweg
Het jaar verstrijkt de tijd
Vandaag kan niet meer stuk
Vanavond vier ik mijn geluk
Op het ritme van verdriet en eenzaamheid
-----

Geschreven in 2022.

Een hele week hard werken
Een hele week gedoe
Een hele week lang werk je
Naar die ene middag toe
Nog even snel wat slapen
Want liever lui dan moe
Ga je op vrijdagavond
Naar je vaste stamkroeg toe

En alle mensen aan de bar die vragen
Zing toch eens een lied
Maar ik wil eerst wat drinken
Want nuchter zing ik niet

refrein
Dus geef een mij glas
Om de week te vergeten
Een glas dat me zegt
Het weekend begint
Een glas als begin van
Weer twee dagen feesten
Dan kan ik de volgende
Week wel weer in

Geef mij een glas
Om de week te vergeten
Een glas dat me zegt
Dat het weekend begint
Van maandag tot vrijdag
Hoef ik niets te weten
Ik haal het vanavond
Eens allemaal in

Ik neem als eerst een biertje
Dat smaakt toch vaak naar meer
Dus binnen een kwartiertje
Zit ik aan glaasje vier
En toch maar wat sterkers
Dat is wel op zijn plaats
Want ik begin te merken
Dat de avond prima gaat

En alle mensen aan de bar die vragen
Zing nog eens een lied
Maar ik zeg eerst iets drinken
Want nuchter zing ik niet

refrein

Zo'n twaalf shotjes later
Bestel ik toch weer bier
Dat gaat er in als water
En water smaakt naar meer
Dus denk niet aan de kater
Het gaat hier om de sfeer
Van heel een week lang praten
Heeft nooit iemand iets geleerd

En alle mensen aan de bar
Die zeggen nuchter ben je niet
Dus loop ik naar voren
En zing ik dit lied

refrein 2x
-----

Ooit eens speelde ik diefje
Maar dan zonder verlos
Met mijn broer in het weiland
Aan de rand van het bos
Aan de rand van ons huis
In het kniehoge gras
Toen dat weiland van toen
Nog geen Vinexwijk was

Ooit eens groef ik naar wormen
Aan de rand van een sloot
Ook al mocht ik niet vissen
Want ik was nog niet 'groot'
Ik was nog maar een meisje
Ik was nog niet oud
Bij het huis dat mijn ouders
Zelf hadden gebouwd

Met een schop, en met hun handen
En hun harten van goud
Ik had nooit iets mooiers gezien
Dan dat huis, uit hun handen
En hun harten van goud
Maar toen de kwam de graafmachine

En ik heb nog gespeeld daar
In dat zwartgele zand
Fantasierijk en angstig
Gaat vaak hand in hand
Toen er huizen verrezen
Aan de rand van het bos
Waren wij plots de dieven
Maar dan zonder verlos

In het huis van mijn ouders
Met hun harten van goud
Ik had nooit iets mooiers gezien
Dan dat huis uit hun handen
En hun harten van goud
Bedreigd door de graafmachine

Want vrede en vrijheid
En zelfs utopie
Moeten wijken voor welvaart
En voor economie
Dus ons huis moest verdwijnen
Dat begrijpt zelfs een kind
Voor een weg, die de wijk
Met een snelweg verbindt

Dus dat dat huis van mijn ouders
Met hun harten van goud
Ik had nooit iets mooiers gezien
Werd gerukt uit hun handen
En hun harten van goud
Met voorop de graafmachine

Dus we moesten verhuizen
Richting Rotterdam Noord
Waar de stoep was betegeld
En het onkruid vermoord
Waar de buren je horen
Waar de buren je zien
Zonder sloot, zonder weiland
Zonder graafmachine

En nu ben ik dan 'ouder'
En nu ben ik dan 'groot'
En nu denk ik haast nooit meer
Aan dat kind bij die sloot
Want ik kreeg nieuwe vriendjes
En mijn jeugd die was fijn
En ik ben gaan studeren
En dat liep als een trein

En ik ben gaan begrijpen
Hoe de de wereld dus werkt
Met de macht en het geld
En hoe dat zich versterkte
Maar nog meer: hoe de wereld
Echt zou moeten zijn
En wanneer ik dat doe
Zing ik weer het refrein

Van het huis, van mijn ouders
Met hun harten van goud
Ik heb nooit iets mooiers gezien
Dan dat huis, uit hun handen
En hun harten van goud
Van ver voor de graafmachine

Dat huis uit hun handen
En hun harten van goud
Ik heb nooit iets mooiers gezien
Dan dat huis uit hun handen
En hun harten van goud
Van ver voor de graafmachine
-----